Stichting Zonnewijzer

Stichting Zonnewijzer

De Stichting Zonnewijzer Groningen is in 2001 opgericht. Oprichter en aanjager van de stichting is Joop Boer, en hij is daarbij door de jaren heen gesteund door het bestuur, dat momenteel bestaat uit Frank Witte, Joop Oude Lohuis en Rienk van der Werff.
De stichting heeft in brede zin als doelstelling het bijdragen aan een duurzame samenleving. Daartoe bevordert ze onder meer de toepassing van duurzame energie, met name zonne-energie, energiebesparing en duurzame, biologische, landbouw.

Vanaf het begin zijn er, vaak in samenwerking met de Milieudienst van de gemeente Groningen, diverse buurtverenigingen en het centrum voor Duurzaam Bouwen, tot 2004 vele voorlichtingsbijeenkomsten gehouden, waar in totaal duizenden mensen op af kwamen. Er is voorlichting gegeven over zonnepanelen, en geadviseerd over kosten, opbrengsten, aanschaffing en plaatsing. Bij honderden particulieren zijn zonnepanelen geplaatst. Door het afschaffen van de subsidies op zonnepanelen begin 2004, is de particuliere markt voor zonnepanelen in Nederland ingestort.

Door het jarenlang uitblijven van een nieuwe regeling, kwamen de activiteiten van de Stichting na 2004 op dit gebied grotendeels tot stilstand.
De activiteiten die wel doorgang vonden betroffen het geven van gastlessen op scholen, het geven van adviezen over energiebesparing en het houden van lezingen.

Het bestuur heeft daarna ook besloten andere duurzame activiteiten te ontplooien.
De keuze viel op het aankopen van landbouwgrond, met als doel de betreffende grond deels te gaan beheren als natuur en er deels te gaan experimenteren met biologische en veganistische landbouw, zo mogelijk volgens het perma¬cultuur-systeem.

Dank zij een schenking kon de stichting voor een derde participeren in de aankoop van een perceel grond in Drenthe, in 2006. Dit gebied is ontwikkeld in samenhang met de aangrenzende Droomgaard. Daartoe zijn in 2012 en 2013 ook beheersmaatregelen getroffen om het gebied te verarmen door maaien en afvoeren.
Er is in 2014 een poging gedaan om door crowdfunding de aankoop van de Droomgaard te financieren. Het doel daarvan was om de 3,5 ha grond bij één eigenaar onder te brengen en dan ook voor de lange termijn het beleid, beheer en ontwikkeling zeker te stellen. Deze crowdfunding heeft helaas niet voldoende resultaat opgeleverd.

In 2015 en daarna is er op bescheiden niveau beheer uitgevoerd zonder dat er onomkeerbare keuzes voor verdere activiteiten en bestemming van het perceel grond in Grolloo zijn gemaakt. Dit betreft dus ook het deel dat deels in het bezit is van de stichting.
Er is incidenteel door vrijwilligers onderhoud gepleegd aan de bomen langs het schouwpad. De verwachte verruiging van het grasland is inderdaad uitgekomen. Een aantal oude coniferen is door de wind of ouderdom omgevallen. Er is op beperkte schaal sprake geweest van vernieling of beschadiging, waar nodig zijn door vrijwilligers reparatiewerkzaamheden uitgevoerd.

Vertegenwoordigers van het bestuur hebben in een voorkomend geval bij de politie in Gieten aangifte gedaan van illegale jacht. Tenslotte is het jachtrecht, direct na aankoop van het perceel in 2006, opgezegd. Het is uitdrukkelijk de bedoeling van het bestuur dat het perceel een vluchthaven is voor dieren, zoals reeën, hazen, marters, dassen, enz. Vooral ook omdat het deels om beschermd dieren gaat. Er komen ook hazelwormen, ringslangen, hagedissen en vele kikkers voor, naast vele vogels, oa bosuilen.

In oktober 2019 is Joop Boer overleden. Begin 2020 is de afwikkeling van de nalatenschap en zijn de definitieve eigendomsverhoudingen van de gronden die tot de nalatenschap behoren nog niet definitief geregeld. Het toekomstige beheer en ontwikkeling van het gebied is daarmee nog onduidelijk.

Het bestuur van de stichting ziet het als een passende opgave om een bijdrage te leveren aan het beheer, binnen de doelstellingen van de stichting en aansluitend bij het gedachtengoed van Joop Boer. In 2020 zal een strategie worden uitgewerkt op basis van het ecologische potentieel van het gebied, en zullen de mogelijkheden om samen met (natuurbeheers-)partners daar invulling aan te geven.